Buitenbaarmoederlijke zwangerschap

Bij een buitenbaarmoederlijke zwangerschap (EUG) nestelt een bevruchte eicel zich buiten de baarmoederholte in. Dit gebeurt bij minder dan 1 op de 100 zwangerschappen. Meestal ontstaat een buitenbaarmoederlijke zwangerschap in de eileider. Heel zelden gaat het om een tweelingzwangerschap waarbij 1 vrucht innestelt in de baarmoeder en 1 daarbuiten.

Afdeling

U kunt hiervoor terecht bij

Meer over

Een buitenbaarmoederlijke zwangerschap kan eerder voorkomen:

  • na een ontsteking aan de eileider (bijvoorbeeld door chlamydia of gonorroe);
  • na een eerdere operatie aan de eileider;
  • na langdurige onvruchtbaarheid;
  • na een IVF-behandeling;
  • na een eerdere buitenbaarmoederlijke zwangerschap;
  • als u zwanger wordt na sterilisatie;
  • als u zwanger wordt terwijl u een spiraal heeft;
  • bij DES-dochters;
  • bij verklevingen in de buikholte door een eerdere buikoperatie (zoals een blindedarmontsteking);
  • bij endometriose.

Symptomen

In het begin merkt u niet veel van een buitenbaarmoederlijke zwangerschap. Tussen week 5 en 12 van de zwangerschap kunt u bloed verliezen en pijn hebben in uw onderbuik. Dit kan lijken op een abnormale of late menstruatie of op een miskraam. 

Het is gevaarlijk als de eileider scheurt waardoor bloed in de buikholte komt. Dit geeft plotseling veel buikpijn met schouderpijn en het voelt alsof u naar de wc moet zonder dat er iets komt. Ook kunt u in een shock raken met misselijkheid, braken, snelle pols, transpireren en flauwvallen.

Onderzoeken

Bij een vermoeden van een buitenbaarmoederlijke zwangerschap test de arts eerst met uw urine of u zwanger bent. Als u zwanger blijkt, krijgt u een inwendige echo.

Met deze echo kijkt de gynaecoloog of de bevruchte eicel is ingenesteld in de baarmoeder. Als de echo geen duidelijke zwangerschap laat zien is, onderzoekt de arts in uw bloed de waarde van het zwangerschapshormoon (hCG hormoon). Als deze hormoonwaarde hoog is, is de kans groot dat u een buitenbaarmoederlijke zwangerschap heeft.

Als de waarde laag is en u weinig klachten heeft, blijft u onder controle tot er helemaal geen zwangerschapshormoon meer in uw bloed zit. Als de hormoonwaarde hetzelfde blijft of stijgt, is de kans op een buitenbaarmoederlijke zwangerschap alsnog groot.

Behandelingen

Een buitenbaarmoederlijke zwangerschap kan nooit worden voldragen en de bevruchte eicel kan niet alsnog naar de baarmoeder verplaatst worden.

In Nederland zijn er 3 behandelingen mogelijk:

  • afwachten tot het lichaam de zwangerschap zelf afbreekt;
  • een injectie met een medicijn (methotrexaat) dat uw lichaam helpt om de zwangerschap af te breken;
  • een operatie aan de eileider waarin de buitenbaarmoederlijke zwangerschap zit.

Contact

Heeft u vragen of wilt u een afspraak maken? Neem dan contact op met de afdeling Gynaecologie via 036 868 87 00.