Hersenschudding bij kinderen

Door een klap tegen het hoofd of een plotselinge beweging van het hoofd kunnen de hersenen voor korte tijd letterlijk door elkaar worden geschud. Hierdoor kan iemand een tijdje bewusteloos zijn (een paar seconden tot maximaal 15 minuten) en/of geheugenverlies krijgen. Een hersenschudding is een licht traumatisch hoofd- en/of hersenletsel. Bij alleen hoofdletsel zijn de klachten vaak veel minder dan als er ook licht hersenletsel is.

Afdeling

U kunt hiervoor terecht bij

Symptomen

  • Hoofdpijn en duizeligheid.
  • Wazig zien.
  • Tragere verwerking van informatie.
  • Geheugen- en concentratieproblemen.
  • Moeite met aandachts- en inspanningstaken.
  • Sneller vermoeid zijn en slaperigheid.
  • Sneller geïrriteerd zijn.
  • Overgevoeligheid voor licht en geluid.
  • Oorsuizen en gehoorverlies.

De klachten na een hersenschudding gaan meestal vanzelf over. Sommige kinderen hebben langer dan 6 maanden klachten. Als dit zo is, dan is het goed om naar uw huisarts te gaan. De huisarts verwijst uw kind als dat nodig is naar een kinderarts of neuroloog voor onderzoek.

Onderzoeken

De arts doet lichamelijk onderzoek om te kijken of uw kind een hersenschudding heeft. Soms zijn röntgenfoto’s nodig.

Behandelingen

De hersenen herstellen zelf van een hersenschudding. Er is geen behandeling om dit herstel te beïnvloeden. Als uw kind last heeft van (hoofd)pijn dan kunt u pijnstillers geven. Uw arts kan u hierover adviseren.

Wekadvies

Om een eventuele complicatie bij uw kind snel te kunnen herkennen, is het belangrijk uw kind de eerste 24 uur na het ongeval om de 1 à 2 uur wakker te maken. Overdag en ook ’s nachts. Kijk of uw kind volledig aanspreekbaar is en weet waar hij of zij is. Bel direct 112 als uw kind anders wakker wordt dan normaal, suf reageert, gaat braken of bewusteloos is.

Contact

Heeft u vragen of wilt u een afspraak maken? Neem dan contact op met De Kinderkliniek via 036 763 00 30. Buiten kantoortijden is dit nummer doorgeschakeld naar het Flevoziekenhuis, waar u – alleen voor spoedgevallen – kunt vragen naar de dienstdoende kinderarts.