Nierfalen (nierinsufficiëntie)

Nieren scheiden afvalstoffen van het lichaam uit. Bij nierfalen zijn de nieren onvoldoende in staat dit te doen. Vaak ontstaan nierfalen geleidelijk door onder andere een jarenlange hoge bloeddruk, suikerziekte en vaatlijden (vernauwing of afsluiting van een slagader). Heel soms zijn de nierfalen een op zichzelf staande ziekte.

Afdeling

U kunt hiervoor terecht bij

Symptomen

Klachten ontstaan vaak pas als de nieren minder dan 25% werken. Vaak duurt het daarom jaren voordat u merkt dat uw nieren niet goed werken.

Onderzoeken

De arts luistert naar uw klachten en doet een lichamelijk onderzoek. Daarnaast kunnen urine- en bloedonderzoek uitwijzen hoe goed de nieren (nog) werken. Een echo brengt eventuele afwijkingen in beeld. Soms wordt een stukje weefsel van de nier verwijderd (nierbiopsie) en onder de microscoop bekeken om de oorzaak van het nierfalen vast te stellen.

Behandelingen

Meestal neemt de huisarts de behandeling weer over na de onderzoeken. Soms blijft u onder controle bij de nierspecialist (nefroloog).

Om de nierfunctie zo lang mogelijk te behouden, krijgt u medicijnen en meestal een zout- en eiwitarm dieet. De afdeling Diëtetiek geeft advies en begeleiding bij het juiste dieet.

Acuut nierfalen is levensbedreigend. U krijgt daarom meteen medicijnen. Soms is het nodig dat u daarnaast gedialyseerd wordt. De oorzaak van acuut nierfalen wordt dan zo snel mogelijk achterhaald en verholpen. Soms herstellen de nieren zich weer na acuut nierfalen. Maar de schade kan ook blijvend zijn of erger worden. Dit is chronisch nierfalen en is helaas niet te genezen.

Als uw nieren niet meer werken, gaat u naar het Dialysecentrum voor nierdialyse of een eventuele niertransplantatie.

Contact

Heeft u vragen of wilt u een afspraak maken? Neem dan contact op met de afdeling Nefrologie via 036 868 9230.