Veneuze vaatafsluiting

Een veneuze bloedvatafsluiting is een afsluiting van een ader, ook wel bekend als trombose. Hierbij kan het bloed niet meer afgevoerd worden en gaan de vaten lekken waardoor er bloed/vocht en eiwit in het netvlies vrijkomt. Er zijn twee vormen van trombose in het oog: venetaktrombose, waarbij slechts een deel van het netvlies is betrokken en een trombose van de centrale ader (vena centralis trombose), waarbij het om hele netvlies gaat.

Afdeling

U kunt hiervoor terecht bij

Meer over

Veneuze afsluitingen in het oog ontstaan bij oudere mensen meestal als zij suikerziekte, hoge bloeddruk of hoge oogdruk hebben. Bij jongere patiënten kunnen er andere oorzaken zijn. Deze oorzaken moet een oogarts onderzoeken. 

Symptomen

Bij veneuze afsluitingen kunt u wazig of slecht zien, maar niet totaal donker. Door naar het netvlies te kijken kan de oogarts zien of het om venetaktrombose of een vena centralis trombose gaat.

Onderzoeken

De technisch oogheelkundig assistent (TOA) doet het vooronderzoek waarbij de gezichtsscherpte en de oogdruk wordt gemeten. Daarna krijgt u druppels in de ogen waardoor de pupillen verwijd worden. U gaat hierdoor slechter zien en mag niet zelf autorijden. Deze druppels moeten ongeveer 20 minuten inwerken. Hierna gaat de oogarts uw oog onderzoeken met de spleetlamp en een speciale lens. Hiermee wordt uw hele oog, inclusief het netvlies, onderzocht.

Mogelijk is er aanvullend onderzoek noodzakelijk, zoals een scan van het netvlies (OCT-scan) of een Fluorescentie Angiografie. Daarnaast wordt de oorzaak onderzocht en u wordt eventueel doorverwezen naar de internist. Vaak wordt er geen oorzaak gevonden.

Behandelingen

Bij een trombose blijft u onder controle om veranderingen te kunnen ontdekken. De kans op vaatnieuwvorming, oftewel het ontstaan van nieuwe bloedvaten, is bij een totale venetrombose wat groter dan bij een venetaktrombose. Vaatnieuwvorming kan ernstige complicaties veroorzaken. Om dit te voorkomen kan een laserbehandeling nodig zijn. Bij venetaktrombose is de kans op vaatnieuwvorming kleiner.

Daarnaast kan er vocht onder het netvlies ontstaan, wat invloed heeft op het scherp zien. Hiervoor kunt u anti‐VEGF injecties krijgen of steroiden, waardoor het vocht vermindert en u hierdoor mogelijk scherper gaat zien.

Contact

Heeft u vragen of wilt u een afspraak maken? Neem dan contact op met de afdeling Oogheelkunde via 036 868 87 33.