ICD plaatsen (Implanteerbare Cardioverter Defibrillator)

Een ICD is een apparaat dat wordt gebruikt om hartritmestoornissen te herkennen en daarop te reageren zodat de hartritmestoornis stopt. Een hartritmestoornis kan door verschillende oorzaken optreden. Defibrillatie houdt in dat een hoeveelheid stroom door het hart gestuurd wordt om de elektrische chaos in het hart tot stilstand te brengen. Hierna kan het hart weer in een normaal ritme gaan kloppen. 

Afdeling

U kunt hiervoor terecht bij

Meer over

Mensen kunnen in aanmerking komen voor een ICD als ze al enige tijd last hebben van hartritmestoornissen of misschien een hartstilstand hebben meegemaakt. Een ICD kan ook worden geadviseerd als er een verhoogd risico op (ernstige) hartritmestoornissen aanwezig is. 

Naast een te snelle hartslag (tachycardie) kan ook een te trage hartslag (bradycardie) een gevaar vormen. U kunt moe zijn, duizelig worden of flauwvallen omdat de bloedtoevoer naar de hersenen onvoldoende is. In een ziek hart kan een bradycardie echter omslaan in een levensgevaarlijke tachycardie. Een pacemaker zorgt ervoor dat het hartritme niet te traag wordt. In een ICD zit daarom ook een pacemaker verwerkt.

Een ICD is uiteindelijk de enige oplossing voor het behandelen van ernstige, levensbedreigende hartritmestoornissen. Helaas kan de ICD het ontstaan ervan niet voorkomen en biedt het ook geen genezing.

ICD-centrum Flevoziekenhuis

Sinds 2011 is in het Flevoziekenhuis een speciaal ICD-centrum geopend voor patiënten in Flevoland en ’t Gooi. Als u in aanmerking komt voor een ICD (Implanteerbare Cardioverter Defibrillator) of als u die al heeft, bent u van harte welkom in het ICD-centrum van het Flevoziekenhuis.
Het ICD-centrum verzorgt ICD-implantaties en poliklinische controles, en alle overige benodigde nazorg en begeleiding die het hebben van een ICD met zich meebrengt. Hiervoor is een gespecialiseerd ICD-team van cardiologen, technici en verpleegkundigen beschikbaar.

Het ICD-centrum is gerealiseerd door een samenwerkingsverband tussen het Flevoziekenhuis, Tergooiziekenhuizen en het Amsterdam UMC. Daarmee is de zorg voor ICD-patienten in de regio Flevoland en ’t Gooi gegarandeerd en geoptimaliseerd.

Voorbereiding

U wordt één dag van tevoren of op de dag van de ingreep opgenomen op afdeling Cardiologie van het Flevoziekenhuis. De verpleegkundige informeert u over het verloop van de opname.

Voorafgaande aan de ICD-implantatie worden de volgende voorbereidingen getroffen:

  • ECG (hartfilmpje) op de dag van opname;
  • röntgenfoto van het hart en longen (alleen wanneer in de afgelopen drie maanden geen foto is gemaakt);
  • meten van bloeddruk, pols, temperatuur, lengte en gewicht.

Een verpleegkundige of arts brengt een infuusnaaldje in aan de zijde waar de ICD geïmplanteerd zal worden.

Nuchter zijn

Afhankelijk van het tijdstip waarop de ingreep zal plaats vinden mag u niets meer eten of drinken. Als u ’s ochtends geholpen wordt, mag u niets meer hebben vanaf middernacht (0:00 uur). Als u ’s middags geholpen wordt, mag u nog een licht ontbijt, zoals thee met een beschuitje.

Medicatie

Als u medicijnen gebruikt zal de arts u vertellen of u hiermee moet stoppen voor het plaatsen van de ICD.

Behandeling

De eerste ICD’s werden in de buikholte geïmplanteerd omdat de pulsgenerator voorheen veel groter was. Tegenwoordig wordt de pulsgenerator in principe onder het linker sleutelbeen, onder de huid geïmplanteerd. De implantatie duurt meestal 1,5 a 2 uur. U krijgt een steriel laken over u heen en de plek waar de ICD wordt ingebracht wordt plaatselijk verdoofd. U bent dus volledig bij bewustzijn tijdens het plaatsen van de ICD. U wordt de hele tijd goed in de gaten gehouden en bij pijn krijgt u extra medicatie. 

Na de voorbereidingen, die ongeveer 20 minuten duren, start de ICD-cardioloog de implantatie. Eerst plaatst de arts via een ader de elektrode(n) in het hart. Vervolgens wordt een zakje (de 'pocket') gemaakt onder de huid van het linkersleutelbeen voor de pulsgenerator. Soms wordt de pulsgenerator dieper onder de borstspier geplaatst; dit gebeurt bijna altijd onder algehele narcose. Het maken van de pocket is vaak een vervelend onderdeel van de ingreep. De elektrode(n) worden aangesloten op de pulsgenerator en de wond wordt dichtgemaakt.

De ICD wordt vervolgens getest. U krijgt een kort werkzaam slaapmiddel waardoor u zelf helemaal niets meer merkt. Dan wekt de arts een hartritmestoornis op om te controleren of de ICD goed werkt. De ICD reageert met het toedienen van een schok die het hart in het normale ritme terugbrengt.

Blijkt de ICD goed ingesteld, dan wordt u wakker gemaakt en mag u terug naar de afdeling. Krijgt u een bi-ventriculaire ICD dan kan de ingreep enige uren langer duren. Uw cardioloog vertelt waar u voor in aanmerking komt.

Na behandeling

Na de ICD-implantatie gaat u terug naar de afdeling. Er zit een drukverband op de operatiewond om nabloeden te voorkomen. De wond is ongeveer 5 tot 7 centimeter lang. De meeste patiënten zijn wat suf van het 'roesje' en slaperig. Zodra u zich goed genoeg voelt mag u eten en drinken.

De verpleegkundigen op de afdeling houden u goed in de gaten en voeren regelmatig controles uit zoals het meten van de temperatuur, polsslag en bloeddruk. Heeft u na de implantatie pijn in het operatiegebied, vertel dit dan aan de verpleging. U krijgt dan pijnbestrijding: dit bespoedigt uw herstel.

Zoals na de meeste (lichte) operaties, kunt u zich beter de eerste dagen niet teveel inspannen. Aangezien de elektrode zich in het hart moet gaan nestelen is het noodzakelijk dat uw arm en schouder, aan de kant waar de ICD is geplaatst, ontzien worden. Dit is meestal uw linker arm.

Het bedkastje wordt aan uw linkerkant geplaatst. In het algemeen mag u 4 uur na de implantatie weer rustig wandelen/bewegen, de verpleegkundige bespreekt dit met u. Neem hier rustig de tijd voor, het is mogelijk dat u zich duizelig voelt bij het opstaan.

De dag na de implantatie komt de technicus met meetapparatuur langs en controleert de ICD.

Ook zal een röntgenfoto van hart en longen (X-thorax) worden gemaakt om te controleren of de elektrodes van de ICD goed liggen en om te kijken of er geen klaplong is ontstaan.

Is de uitslag van beide testen goed, dan kunt u in principe naar huis. Uiteraard hangt dit ook af van uw persoonlijke situatie. De cardioloog informeert u hierover. Ook krijgt u uitgebreide informatie over het leven met een ICD.

Contact

Heeft u vragen of wilt u een afspraak maken? Neem dan contact op met de afdeling Cardiologie via 036 868 87 19. U kunt ook online een afspraak maken via MijnFlevoziekenhuis.