Keizersnede

Een keizersnede is een operatie waarbij de baby via de buikwand ter wereld komt.

Afdeling

U kunt hiervoor terecht bij

Meer over

Reden voor een keizersnede

De gynaecoloog adviseert een keizersnede als een bevalling via de vagina (schede) niet mogelijk is of te grote risico’s met zich meebrengt voor u, uw kind of voor u beiden. Bijvoorbeeld een afwijkende ligging, grote baby, nauw bekken, voorliggende placenta, keizersnede in de voorgeschiedenis. Omdat bij een keizersnede complicaties kunnen optreden, wordt de operatie alleen uitgevoerd als er een goede reden voor is.

Een geplande keizersnede of ‘primaire sectio’

Een ‘primaire sectio’ is een keizersnede die van te voren gepland staat. Dus u weet al dat u een keizersnede gaat krijgen. Met de gynaecoloog is er een datum afgesproken waarop de keizersnede plaats gaat vinden.

Een ongeplande keizersnede of ‘secundaire sectio’

Soms wordt pas tijdens de bevalling duidelijk dat een keizersnede noodzakelijk is. Dit noemt men een ‘secundaire keizersnede’. De reden hiervoor kan bijvoorbeeld zijn het niet vorderen van de ontsluiting of de uitdrijving. Als de ontsluiting onvoldoende vordert neemt het aantal centimeters ontsluiting niet (voldoende) toe. Bij onvoldoende vordering van de uitdrijving is er te weinig indaling van het hoofdje of de billen in het bekken.

Een andere reden kan zijn dat de conditie van baby en/of moeder erg verslechtert dat het niet verantwoord is de bevalling verder vaginaal plaats te laten vinden. Dit kunnen we aflezen van het CTG (Cardio Toco Gram = o.a. hartregistratie baby) of een MBO (microbiologisch bloedonderzoek van de baby).

Wie mag er bij een keizersnede aanwezig zijn? Wat mag wel en niet?

In het Flevoziekenhuis mag uw partner (of een andere volwassene) bij de keizersnede op de operatiekamer aanwezig zijn. Hij/zij komt pas binnen op de operatiekamer als alle voorbereidingen voor de operatie zijn getroffen (o.a de ruggenprik en het inbrengen van de blaaskatheter) en de operatie gaat beginnen. Soms zijn de regels anders bij een spoedkeizersnede of algehele narcose. Fotograferen en filmen is toegestaan (m.u.v. het aanwezige personeel).

Voorbereiding

  • Op de dag van de operatie moet u nuchter zijn (hierover ontvangt u meer info);
  • U wordt 2 uur voor de geplande operatie op afdeling Verloskunde verwacht. Dan krijgt u een suite toegewezen en wordt u door een verpleegkundige verder voorbereidt op de operatie.
  • Indien nodig wordt er nogmaals een CTG en/of een echo gemaakt.
  • U krijgt een operatiehemd aan, bloeddruk, temperatuur en hartslag wordt gemeten. Sieraden en make-up moeten af. Bril mag, maar contactlenzen moeten uit. Kort voor de operatie wordt u naar de operatieafdeling gebracht.
  • Voor de operatie is het gewenst dat u blaas leeg is. Op de kraamsuite of op de operatiekamer brengt de verpleegkundige een blaaskatheter in, zodat de urine kan wegstromen en de blaas leeg is. Dit wordt in een urine zak opgevangen.

Bij een keizersnede tijdens de bevalling (secundair) gebeuren deze voorbereidingen vaak in hoger tempo.

Verdoving

Bij een keizersnede zijn twee soorten verdovingen mogelijk namelijk een ruggenprik en algehele narcose. Het meest gebruikelijke tijdens een keizersnede is de ruggenprik. De algehele narcose wordt zelden gegeven.

Bij een ruggenprik spuit de anesthesist verdovende vloeistof tussen de ruggenwervels. Meestal wordt de huid eerst plaatselijk verdoofd. Vaak voelt u dan de ruggenprik zelf nauwelijks meer. Al snel worden uw onderlichaam en benen gevoelloos. Bij een ruggenprik maakt u de geboorte van uw kind bewust mee; tijdens de operatie kunt u uw kind zien, horen en aanraken. U hebt tijdens de operatie geen pijn; wel voelt u soms dat er getrokken wordt of op de buik geduwd.

Behandeling

De gynaecoloog maakt een ‘bikinisnede’, een horizontale (dwarse) snede van 10-15 cm vlak boven het schaambeen, ongeveer rond de haargrens. Na de snede in de huid worden een vetlaag onder de huid en een laag verstevigend bindweefsel boven de buikspieren doorgesneden. De lange buikspieren die van de ribbenboog naar beneden lopen worden opzij geschoven en vervolgens opent de gynaecoloog de buikholte. De blaas, die voor een deel over de baarmoeder heen ligt, wordt losgemaakt van de baarmoeder en naar beneden geschoven. Daarna haalt de gynaecoloog via een dwarse snede in de baarmoeder uw kind naar buiten. Soms drukt hij daarbij op uw buik.

Als uw kind geboren is, wordt de navelstreng doorgeknipt. Omdat alles steriel moet blijven, mag de vader dit niet zelf doen, zoals bij een vaginale bevalling. Als de baby en de placenta geboren zijn, sluit de gynaecoloog de baarmoeder en de verschillende lagen van de buikwand met zelf oplosbare hechtingen.

Gentle sectio       

Sinds het voorjaar van 2014 is het mogelijk om voor de ‘gentle sectio’ te kiezen. Dit betekent dat uw baby wel met een keizersnede geboren wordt, maar op een zo natuurlijk mogelijke manier.
Het verschil met een ‘normale’ keizersnede is onder meer dat u de mogelijkheid krijgt om uw baby geboren te zien worden. Het doek dat het zicht op het operatiegebied belemmert, zal dan vlak voor de geboorte van de baby omlaag gedaan worden.
Een ander verschil is dat uw partner bij de ruggenprik aanwezig kan zijn. Ook wordt het omgevingslicht gedempt en er is een mogelijkheid om zachte muziek te luisteren.
Na de geboorte wordt uw baby - indien zijn of haar conditie dit toelaat - direct bij moeder gelegd. Met instemming van de kinderarts en de anesthesioloog kan de baby bij u blijven liggen totdat u terug bent op de kraamsuite.

Deze gentle sectio is alleen mogelijk in geval van een geplande keizersnede.

Na behandeling

De kinderarts onderzoekt uw kind direct na de geboorte en op de dag van ontslag. Uw partner mag op de warmtetafel nogmaals symbolisch de navelstreng doorknippen. De baby wordt in de warme doeken gelegd en gaat nog even naar moeder die nog op de operatietafel ligt. Dit is nooit zo heel lang omdat het veel te koud is op een operatiekamer voor een pasgeborene. Daarna wordt de baby in een couveuse naar de kraamsuite of de couveuse afdeling vervoerd.

Op de kraamsuite wordt de baby – als moeder ook weer op de kraamsuite is – uit de couveuse gehaald. Indien u dit wenst, kan de baby bloot bij moeder op de borst en kan er worden begonnen met de borstvoeding, indien u daar voor kiest. Dan wordt de baby gewogen, getemperatuurd, vitamine K gegeven en aangekleed. Afhankelijk van de reden voor de keizersnede, de zwangerschapsduur en de toestand van de baby kan de kinderarts besluiten uw kind op te nemen op de couveuseafdeling. U bent daar natuurlijk van 24 uur per dag welkom en onze collega,s daar geven u alle informatie wat betreft de verzorging van uw baby op afdeling Neonatologie.

In geval van een gentle sectio

Indien uw conditie en die van uw baby dit toelaat bestaat de mogelijkheid direct na het beëindigen van de operatie terug te keren naar afdeling Verloskunde. Op de kraamsuite wordt de bloeddruk, de polsslag, het bloedverlies en de hoeveelheid urine regelmatig bij u gecontroleerd. Via het infuus krijgt u vocht en eventueel medicatie toegediend.

Herstel lichamelijk en emotioneel

Meestal mogen moeder en kind tussen de derde en vierde dag na de keizersnede naar huis. De snelheid van het herstel van moeder en kind spelen natuurlijk een rol. Thuis zult u geleidelijk verder moeten herstellen. De tijd die nodig is voor het herstel is na een keizersnede vaak langer dan na een vaginale bevalling. U bent niet alleen (opnieuw) moeder, maar daarnaast ook genezende van een operatie.

De beleving van een keizersnede wisselt sterk. Sommige vrouwen hebben er emotionele problemen mee. Ze zijn teleurgesteld dat de bevalling niet langs de normale weg kon plaatsvinden en hebben het gevoel dat een normale bevalling van hen is ‘afgenomen’. Soms vinden ze dat ze gefaald hebben. Bij een algehele narcose maken vrouwen de geboorte van hun kind niet bewust mee, waardoor ze soms moeite hebben om aan hun kind te wennen. Spelen dergelijke gevoelens bij u, praat erover met uw partner, vrienden en familieleden. Bespreek tijdens de nacontrole uw emoties en vragen, zoals waarom de keizersnede nodig was. Dit kan u ook helpen bij het verwerken van emoties.

Contact

Heeft u vragen of wilt u een afspraak maken? Neem dan contact op met de afdeling Verloskunde via 036 868 8700.