Niertransplantatie

Als de nieren niet meer werken, is het met een niertransplantatie mogelijk een nieuwe nier te krijgen. Hiermee herstelt de nierfunctie in principe weer tot 50%. Een donor kan iemand zijn die zojuist gestorven is of een nog levend persoon met een emotionele band met de patiënt. De transplantatie zelf wordt niet in het Flevoziekenhuis uitgevoerd, maar in het Amsterdam UMC.

Afdeling

U kunt hiervoor terecht bij

Meer over

De meeste transplantaties gebeuren met nieren van overleden donoren. Bij een familie- of relatietransplantatie staat een familielid of nabij persoon een nier af. Doordat de nier is afgestaan door een levende donor is de nier vaak in een betere conditie. Daarbij zijn de overeenkomsten van de nieren groter als de donor familie is. Hierdoor slagen familie- of relatietransplantaties vaker. Het afstaan van een nier is zowel lichamelijk als emotioneel ingrijpend en moet daarom goed overwogen worden.

Voorbereiding

Om voor een donornier in aanmerking te komen, moet uw arts u aanmelden bij de Nederlandse Transplantatie Stichting in Leiden. Deze stichting coördineert vraag en aanbod. De gemiddelde wachttijd voor een donornier is 4 jaar. De wachttijd hangt af van hoe dringend uw situatie is en of er een goede match is. Ook als u bovenaan de wachtlijst staat, is transplantatie alleen mogelijk als er een geschikte donornier beschikbaar is.

U krijgt een weefselonderzoek (weefseltypering) om uw bloedgroep en weefselkenmerken te bepalen. Uw bloedgroep en weefselkenmerken moeten zoveel mogelijk lijken op die van de donor. Hoe gezonder u bent, hoe groter de kans op een geslaagde niertransplantatie is. Aangetaste hart- en bloedvaten en chronische urineweginfecties zijn redenen om een transplantatie niet te doen. Toch kunt u ook bij een mindere gezondheid u op de wachtlijst komen.

Behandeling

Bij een oproep moet u zo snel mogelijk naar het ziekenhuis komen. U krijgt hier eerst een aantal onderzoeken. Bij bijvoorbeeld de kruisproef worden uw bloed en dat van de donor gemengd om te zien of er afstoting zal optreden. Als de uitslagen van deze onderzoeken goed zijn, kan de transplantatie doorgaan.

Bij de transplantatie wordt de nieuwe nier in de onderbuik geplaatst en verbonden met de blaas. Dit is een relatief eenvoudige operatie en de eigen nieren hoeven hiervoor niet te worden verwijderd.

Na behandeling

U verblijft gemiddeld 2 tot 3 weken in het ziekenhuis. De nieuwe nier gaat meestal na 3 tot 4 dagen werken. Als dit niet zo is, krijgt u dialyse totdat de nieuwe nier werkt.

Soms wordt een getransplanteerde nier helaas afgestoten. Een afstoting kan snel optreden, maar ook na meerdere jaren. Om de kans op afstoting te verminderen, krijgt u de rest van uw leven medicijnen. Deze medicijnen geven wel bijwerkingen en u bent hierdoor extra vatbaar voor infecties.

Contact

Heeft u vragen of wilt u een afspraak maken? Neem dan contact op met het Dialysecentrum Flevoziekenhuis via 036 868 9237