Verwijderen baarmoeder met kijkoperatie (Laparascopie)

Bij menstruatieklachten, baarmoederhalskanker, vleesbomen of een verzakking kan het nodig zijn de baarmoeder te verwijderen. Het verwijderen van de baarmoeder kan vaginaal, met een kijkoperatie of met een buikoperatie. Dit is afhankelijk van de grootte en hoogte van de baarmoeder en de reden van de operatie. De eileiders blijven als dat kan zitten.

Afdeling

U kunt hiervoor terecht bij

Meer over

Een andere naam voor het verwijderen van de baarmoeder is uterusextirpatie of hysterectomie.

Bij het verwijderen van de baarmoeder via de vagina of met een kijkoperatie is er een kleine kans dat tijdens de operatie blijkt dat de baarmoeder toch via de buik verwijderd moet worden.

Als de baarmoeder is verwijderd in verband met een verzakking, is er een kans van 10 tot 20% dat u opnieuw een verzakking krijgt van de vaginatop. Er zijn helaas geen behandelingen die garanderen dat verzakkingen niet meer terugkomen.

Voorbereiding

  • Voor deze operatie moet u nuchter zijn. Hierover krijgt u uitleg van uw arts.
  • U krijgt voor deze operatie een ruggenprik of volledige narcose.
  • Meld bij uw arts als u overgevoelig bent voor bepaalde medicijnen. Voor de operatie krijgt u antibiotica en u krijgt een injectie in uw buik of bovenbeen om trombose te voorkomen.

Behandeling

Tijdens de operatie krijgt u een infuus in de arm om ervoor te zorgen dat u voldoende vocht binnenkrijgt.

Bij de kijkoperatie krijgt u kleine 4 sneetjes in uw buik. Door deze kijkopeningen brengt de gynaecoloog de laparoscoop (kijkbuis) in uw buik en sluit deze aan op een videocamera. De baarmoeder, eileiders en eierstokken zijn zo zichtbaar op de monitor. De baarmoeder wordt via de vagina verwijderd. Soms is het hiervoor nodig om de baarmoeder eerst kleiner te maken met een apparaat dat ook door de kijkbuis past (een morcellator). Meestal krijgt u een katheter (slangetje) in uw blaas om te plassen en een tampon in uw vagina voor het bloedverlies.

De dag na de operatie verwijdert de verpleegkundige het infuus, de katheter en de tampon. Nadat u zelf geplast heeft, kijkt de verpleegkundige met een bladderscan of uw blaas goed leeg is. Dit is een niet pijnlijk onderzoek via de buik. Meestal gaat u binnen een paar dagen na de operatie naar huis.

 

Na behandeling

  • Tot een paar weken na de operatie kunt u wat bruinige bloederige afscheiding hebben.
  • 4 tot 6 weken na de operatie heeft u wat meer dikkige, witte afscheiding.
  • Na een paar weken kunt u via de vagina hechtingen verliezen.
  • De eerste 6 weken na de operatie mag u geen tampons gebruiken en niet vrijen.
  • Neem de eerste 4 weken na de operatie rust. U mag niet werken, zwaar tillen, sporten of zwaar huishoudelijk werk doen.
  • De eerste 2 weken na de operatie mag u niet in bad of zwemmen.

Contact

Heeft u vragen of wilt u een afspraak maken? Neem dan contact op met de afdeling Gynaecologie via 036 868 87 00.