Thoracoscopie

Bij patiënten met vocht achter een long doet de longarts onderzoek om de oorzaak hiervan te vinden. Als het onderzoek van het vocht zelf geen diagnose oplevert, is een onderzoek van de borstkasholte nodig. Dit heet een thoracoscopie. Hierbij wordt met een kijkinstrument de binnenkant van de borstkaswand onderzocht en er worden stukjes weefsel weggehaald. Dit weefsel wordt met de microscoop onderzocht en gekweekt.

Afdeling

U kunt hiervoor terecht bij

Voorbereiding

Nuchter zijn voor het onderzoek

Om dit onderzoek veilig te kunnen uitvoeren moet u nuchter zijn. Dit is om de maag leeg te houden en zo te vermijden dat maaginhoud in de longen terechtkomt tijdens het onderzoek. Dit kan bijvoorbeeld een longontsteking geven. U krijgt van de arts uitleg over het onderzoek.

Onderzoek

Het onderzoek is op de behandelkamer van de afdeling Longziekten. U wordt kortdurend opgenomen, meestal voor twee dagen. Een anesthesiemedewerker brengt een infuus in waardoor medicijnen gegeven worden die u slaperig maken en die pijnstillend werken. Het voordeel van licht slapen tijdens het onderzoek is dat u er weinig van merkt en dat de arts het onderzoek vlot en veilig kan uitvoeren. 

Afhankelijk van de kant waar het vocht achter de long zit wordt u op de onderzoeksbank op de linker- of rechterzij gelegd. Met echografie (onderzoek met geluidsgolven) bepaalt de longarts waar de plek op de borstkas is waar het kijkinstrument zal worden ingebracht. Deze plek wordt eerst verdoofd met een prik in de ruimte tussen twee ribben. Het inbrengen van de verdovingsvloeistof kan een branderig gevoel geven, dit verdwijnt snel. Het verdovingsmiddel werkt direct. Hierna wordt de borstkas afgedekt met een steriele doek, de longarts kleedt zich om in steriele kleding.

Er wordt een klein sneetje gemaakt op de plek waar een buisje wordt ingebracht. Het inbrengen hiervan kan gepaard gaan met een kort drukkend gevoel. Via deze buis wordt met een kijkinstrument de borstkasholte van binnen bekeken en worden hapjes (biopten) afgenomen en kan vocht worden afgezogen. Dit kan pijn doen, de medicijnen die u krijgt tijdens het onderzoek helpen goed om de pijn tegen te gaan.

Na het afnemen van biopten worden het kijkinstrument en de holle buis verwijderd en wordt via dezelfde opening tussen de ribben een slangetje (drain) ingebracht, zodat de long weer goed op z'n plek kan gaan zitten. Het slangetje wordt aan de huid vastgehecht. Van het hechten voelt u weinig omdat de prikken in de huid in het verdoofde gebied zijn. Het slangetje wordt aan een lange slang bevestigd, deze zit vast aan een opvangsysteem.

Na onderzoek

U wordt op het bed geholpen en naar de verpleegafdeling gebracht. Omdat het slangetje pijn in de borstkas kan geven, krijgt u hier pijnstillende medicatie voor.

De volgende dag wordt een longfoto gemaakt. Als de long op z'n plek zit, zal het slangetje worden verwijderd en kunt u naar huis.

Contact

Heeft u vragen of wilt u een afspraak maken? Neem dan contact op met de afdeling Longziekten via 036 868 88 04