Uitstrijkje

Uitstrijkjes zijn om te onderzoeken of er sprake is van (een voorstadium van) baarmoederhalskanker. De arts strijkt met een borsteltje cellen van de baarmoedermond die vervolgens worden onderzocht in het laboratorium. Bij een afwijkend uitstrijkje is er kans dat zich uiteindelijk baarmoederhalskanker ontwikkelt.

Afdeling

U kunt hiervoor terecht bij

Voorbereiding

Als u menstrueert of zwanger bent, kunt u het uitstrijkje beter uitstellen. Een uitstrijkje kan dan moeilijk worden beoordeeld.

Onderzoek

Bij een uitstrijkje gaat u zitten op een onderzoekstoel met uw benen in een beensteunen. De arts brengt een spreider (speculum of eendenbek) in uw vagina waardoor de baarmoederhals te zien is. Met een borsteltje neemt de arts vervolgens cellen van de baarmoederhals af en verzamelt deze cellen in een potje met vloeistof. Het laboratorium onderzoekt de cellen onder de microscoop. Ook kunnen aanwijzingen worden gevonden voor een infectie of ontsteking door bacteriën of virussen.

Een uitstrijkje is meestal niet pijnlijk, maar het kan wel even onaangenaam voelen.

Na onderzoek

Als er afwijkende cellen zijn gevonden, is verder onderzoek nodig.

Na het maken van een uitstrijkje bloedt de baarmoederhals soms. Dit kan geen kwaad en het bloedverlies stopt meestal binnen 1 dag.

Contact

Heeft u vragen of wilt u een afspraak maken? Neem dan contact op met de afdeling Gynaecologie via 036 868 87 00.