Berber Arbeel | Uroloog "Binnen urologie komt alles samen"

Berber Arbeel is uroloog in het Flevoziekenhuis. Ze vertelt over haar keuze om arts te worden en waarom urologie haar in het bijzonder aanspreekt. Ook vertelt zij over de grootste uitdagingen als het gaat om goede zorgverlening aan patiënten en samenwerken met collega’s.

Het Flevoziekenhuis is groot, maar niet massaal 

"Ik werk sinds 2017 in het Flevoziekenhuis en heb het erg naar mijn zin. Het is een groot ziekenhuis waar veel gebeurt, maar het is niet zo massaal als een academisch ziekenhuis. Ik zie patiënten met uiteenlopende urologische problemen en behandel een breed scala aan aandoeningen. Dat spreekt me aan. Ik verdiep mij vooral in het behandelen van incontinentieproblemen en nierstenen. De afdeling Urologie bestaat uit 3 specialisten en 7 doktersassistenten die goed op elkaar ingewerkt zijn. Er heerst een goede sfeer en ik ben blij met dit team.”

Nieren

“Mijn vader was nefropatholoog. Hij liet vaak afbeeldingen zien van organen, die gemaakt zijn onder de microscoop, en van nieren in het bijzonder. Ik heb lang volgehouden dat ik geen medisch specialist wilde worden zoals hij. Maar geneeskunde bleef mij boeien. Ik studeerde in Groningen en deed onderzoek naar nierziekten in Amerika. Ik liep coschappen op allerlei afdelingen en tenslotte op de afdeling Urologie. Alles wat ik boeiend vind binnen de geneeskunde kwam daar samen. Snel daarna startte ik met de specialisatie tot uroloog. Het is zonder twijfel een goede keuze geweest.”

Beste keuze 

“Ik vind het belangrijk dat mensen écht begrijpen wat ik met ze bespreek. Goede zorgverlening valt of staat daarmee. Begrijpt iemand wat er aan de hand is, welke behandelingen mogelijk zijn en wat voor hem of haar de beste keuze is? Om een ziekte een plek te geven, is het belangrijk dat je goed begrijpt wat er met je aan de hand is en welke gevolgen een ziekte heeft voor je dagelijkse leven. Je kunt pas goed beslissen als je weet welke opties er zijn en welke behandeling bij jou past. Het is mijn taak om dat goed uit te leggen. Een heel belangrijke taak ook, want mensen die goed worden voorgelicht en ondersteund, kunnen vaak beter met hun ziekte omgaan. Soms is die begeleiding ook moeilijk. In het geval van prostaatkanker bestaan bijvoorbeeld meerdere behandelmethoden. Dan is het zaak om ondanks de drukke spreekuren de tijd te nemen om alles goed uit te leggen. Het is een uitdaging, maar het heeft mijn onverdeelde aandacht.”

Gevarieerde werkweek

“In de ochtenden bezoek ik opgenomen patiënten. Twee ochtenden doe ik kleine behandelingen en onderzoeken. Twee middagen zijn gereserveerd voor nieuwe- en controlepatiënten. Dinsdag staan operaties gepland, waarbij mensen een ruggenprik of algehele narcose krijgen. Woensdagmiddag voer ik kleine verrichtingen uit, zoals een sterilisatie of besnijdenis bij volwassen mannen. Donderdagmiddag overleg ik met collega’s van andere afdelingen over patiënten met een urologische kwaadaardigheid: bijvoorbeeld prostaat- of blaaskanker of niertumoren. Dan draai ik nog één of 2 diensten per week en soms een weekenddienst waarbij ik mensen behandel met een spoedgeval. Denk aan een gedraaide teelbal, een katheterisatie die niet lukt of forse pijn bij nierstenen.”

Vertrouwen geven

“Ik hoop patiënten vertrouwen te geven. Het vertrouwen dat ik een goede beoordeling maak van hun situatie, een goed en gedegen advies geef en ze ondersteun in het proces. Daarnaast heb ik ook een maatschappelijke functie. Ik behandel ziekten en aandoeningen, maar heb ook een belangrijke rol in de preventie van ziekten. Ik wil mensen bewust maken van wat ze kunnen doen om ziekten te voorkomen. Zo is roken bijvoorbeeld de belangrijkste oorzaak van blaaskanker. Dat weten veel mensen niet. Onze westerse manier van leven, waarbij we veel frisdrank en weinig water drinken en veel dierlijke eiwitten eten, is een belangrijke oorzaak van nierstenen. Ik vind het belangrijk dat mensen zich bewust zijn dat ze zelf ook een rol hebben in het voorkomen van lichamelijke problemen.”

Innovatie 

“Het leuke aan urologie is dat er veel innovatie en vernieuwing is in het vak. Het technische gedeelte van mijn werk vind ik interessant. De hulpmiddelen bij operaties worden steeds beter. Bijvoorbeeld de steeds dunnere camera’s die via de plasbuis naar binnen kunnen om de urinewegen te bekijken. Ingrepen worden daardoor doelgerichter, veiliger en sneller. Ik vind het leuk en noodzakelijk om mezelf te ontwikkelen en bezoek graag congressen.
Een andere ontwikkeling die ons allemaal bezighoudt in de zorg is de centralisatie. Dit betekent dat complexe ingrepen die in een ziekenhuis niet vaak gedaan worden, in expertisecentra worden uitgevoerd. Patiënten met een niertumor worden bijvoorbeeld behandeld in het Amsterdam UMC/locatie AMC en blaas- en prostaatoperaties worden uitgevoerd in het VUmc. Prostaatoperaties worden gedaan met een operatierobot en die hebben wij hier niet. Zo’n robot aanschaffen kost enorm veel geld en bovendien is het belangrijk dat deze ingreep uitgevoerd wordt door een uroloog die uitgebreide ervaring heeft. Na de ingreep elders, komt de patiënt voor controle weer terug bij ons, dichtbij huis.”

Samenwerken 

“Samenwerken met andere ziekenhuizen vraagt om goede afstemming: je wilt niet dat een patiënt met administratieve rompslomp te maken krijgt en meerdere keren hetzelfde verhaal moet doen. En dat geldt ook binnen het Flevoziekenhuis. Ik werk regelmatig samen met de afdelingen Oncologie, Radiologie en Gynaecologie. Het is een uitdaging om het logistieke proces rondom de patiënt zo patiëntvriendelijk mogelijk in te richten. Dat betekent dat een patiënt niet drie keer terug moet komen voor onderzoeken, als deze ook na elkaar gepland kunnen worden.