POCT in huisartspraktijk

Laboratoriumdiagnostiek wordt allang niet meer uitsluitend op het Klinisch chemisch laboratorium (KCL) verzorgd. Sinds geruime tijd wordt 'near patient testing' of 'point of care testing' (POCT) toegepast in de 1e en 2e lijn. U kunt hierbij denken aan urinediagnostiek, glucose, Hb en sinds kort CRP-metingen aan het bed of in de huisartspraktijk. Deze decentrale diagnostiek valt onder de verantwoordelijkheid van het Klinisch chemisch laboratorium, dat de nieuwe ontwikkelingen intensief ondersteunt en de kwaliteit ervan waarborgt.

Opleiding en training

De kwaliteit van POCT-diagnostiek wordt onder meer gewaarborgd door middel van opleiding en training van de medewerkers en doktersassistenten, die met deze testen gaan werken. Tijdens de training komt het gehele traject van afname, analyse tot het gerapporteerde resultaat aan bod. De meeste POCT-diagnostiek wordt verricht op bloed en de training besteedt daarom veel aandacht aan het capillair afnemen van bloed. Daarnaast komen de theorie achter de meting, de werking van het apparaat en de praktische bediening ervan uitgebreid aan bod.

Na het afronden van de opleiding wordt de bekwaamheid van de doktersassistente beoordeeld door middel van een (praktische) toets. Wordt de toets met goed gevolg afgelegd, dan geeft het KCL een bekwaamheidsverklaring af. Deze bekwaamheidsverklaring is 3 jaar geldig en kan verlengd worden nadat de doktersassistente opnieuw de toets heeft afgelegd en daarmee heeft laten zien nog steeds bekwaam te zijn.

Kwaliteit apparatuur

Het Klinisch chemisch laboratorium is tevens verantwoordelijk voor de kwaliteit van de meting en de apparatuur. Dit wordt gewaarborgd door het wekelijks controleren van de apparatuur door de doktersassistente. Tweemaandelijks voert het laboratorium bovendien een uitgebreide kwaliteitscontrole uit. Deze procedure is gebaseerd op de richtlijn POCT-diagnostiek.

Voor meer informatie kunt u contact opnemen met mw. Marja de Lely, gespecialiseerd analist, via 036 868 89 78.